Moestuinbakken zorgen voor verwondering bij leerlingen van SBO De Koppeling in Rotterdam

Hoe kun je de binnenplaats van je school op een leuke en nuttige manier inrichten? Bij speciaal basisonderwijs De Koppeling in Rotterdam hebben ze de binnenplaats van de school gebruikt om 6 moestuinbakken neer te zetten, via het programma Groentuh van stichting Buurtlab. Zodoende leren de kinderen de kneepjes van het moestuinieren en is de binnenplaats omgetoverd tot een plaats van verwondering en inspiratie.

Marloes Petri is leerkracht van de jongste groep van de school, met kinderen van tussen de 6 en 7 jaar oud. Ze is met leerlingen via het programma Groentuh actief bezig met moestuinieren. Marloes: “Op onze school geven we sinds 1 jaar vorm aan moestuinieren via het programma Groentuh van de stichting Buurtlab. We wilden kleinschalig beginnen met moestuinieren en dit was een mooie aanzet daar toe. Je krijgt van Buurtlab alle materialen die je nodig hebt voor het moestuinieren, zoals de bakken en zaadjes. Iedere bak heeft 16 vakjes, waarbij je instructie krijgt wat je erin kunt zaaien. Maar je kunt ook zelf beslissen om iets anders te zaaien in een vakje, als de leerlingen heel graag een andere groente willen proeven."

Leerkracht Marloes Petri: “De moestuinbakken maken de kinderen enthousiast om groenten te proeven. Groenten die ze vaak thuis niet willen eten, willen ze wel eten als het uit hun eigen moestuinbak komt.”

Verbazing en verwondering

Marloes heeft vorig schooljaar niet alleen getuinierd met de leerlingen, maar ook de oogst geproefd met de klas. Er werd soep gemaakt met wortel, ui en bieslook, smoothies met snijbiet, spinazie en aangevuld met fruit. Daarnaast werden er pizza’s gemaakt die werden belegd met groenten uit de moestuinbakken, zoals pompoen en ui.  

Marloes: “Toen we startten met het moestuinieren, vonden veel kinderen het een beetje vies om met hun handen in de aarde te zitten. Maar vervolgens vielen ze van de ene in de andere verbazing. De zaadjes die waren gepland, kwamen opeens boven de aarde tevoorschijn. De kinderen waren niet weg te slaan bij het raam toen ze dat ontdekten. Toen we uiteindelijk de oogst gingen opeten, wilden ze allemaal proeven én ze vonden het ook nog lekker.”

 

Geduld opbrengen na het zaaien

De periode van de lente naar de zomer toe is de grootste tijdsinvestering wat betreft het moestuinieren. In die periode moeten de zaadjes worden geplant en kan het wachten beginnen. Marloes: “Vooral voor de jongste kinderen is de periode na het zaaien wat lastig, want ze moeten leren om geduld te hebben. Het is namelijk niet vanzelfsprekend dat een zaadje uitgroeit tot een plantje en je hebt er ook geen invloed op wanneer het plantje boven de aarde uitkomt. Van zoiets leren de kinderen ook. Daarnaast koppel ik het moestuinieren aan lessen woordenschat, taal en wereldoriëntatie. Het woord moestuin zegt leerlingen niet altijd wat, maar als ze de moestuin dan tot leven zien komen, dan valt het allemaal op zijn plaats.”

 

Programma Groentuh

Groentuh is een 2-jarig programma voor het basisonderwijs, waarbij het leren kweken en eten van verse groente centraal staan. Het is te gebruiken voor de groepen 1 t/m 8 voor scholen in heel Nederland. Iedere school die met Groentuh start, krijgt vanuit de stichting Buurtlab een kist met materialen en zaadjes en het Groentuh doeboek vol met lesideeën. Hierdoor hoeven leerkrachten zich niet meer bezig te houden met het organisatorische gedeelte en neemt de voorbereidingstijd af. Eveneens onderdeel van het programma kan zijn dat Buurtlab een deel van het schoolplein vergroend, zoals het aanleggen van een leskring en beplanting. Meer informatie over het programma vind je hier.

Lekker naar Buiten!-bijdrage

Wil jij ook moestuinieren met je klas via het programma Groentuh, maar kun je hierbij wel een financieel duwtje in de rug gebruiken? Je kunt hiervoor de Lekker naar Buiten!-bijdrage inzetten van maximaal €2000 per schoollocatie. 

 

Wil je meer weten over moestuinieren? Bekijk dan onze overzichtspagina met inspiratieverhalen, lesmaterialen en handleidingen.